Er ligt een staat op sterven…

 Het eindspel (zie onder) is ingezet, alvast daar lijkt het op nu Dehaene heeft gecommuniceerd. Maar of dit ook echt de week van de waarheid wordt, is maar de vraag. B-H-V is een dossier ouder dan de straatstenen.

Het doet me denken aan onderstaand opiniestuk, dat ik 2 jaar geleden met 6 andere Vlaams-nationalisten schreef, maar nog even actueel is. Het kan morgen zo terug in De Standaard, zonder er een jota aan te moeten veranderen.

 

Stemmen over een onafhankelijk Vlaanderen
REFERENDUM OF DE INSTITUTIONELE CHAOS
verschenen in de Standaard 17 juni 2008

Het parlementaire zomerreces, de ‘deadline der deadlines’, nadert met rasse schreden. De kans op een hernieuwde Pax Belgica lijkt zo goed als onbestaande. Een referendum over Vlaamse onafhankelijkheid kan een uitweg bieden, vinden zeven Vlaams-nationalisten.

Een grote stap voorwaarts in de hervorming van de Belgische Staat blijft voor Vlaanderen noodzakelijk en voor de Franstalige politici ondenkbaar. Om nog maar te zwijgen over het dossier-BHV, de splijtzwam van België. De ondertussen beruchte note pedagogique sur BHV van de PS zegt het allemaal. Het gaat hen niet in de eerste plaats om de (overwegend blauwe) Franstalige kiezers uit de Vlaamse Rand, het gaat de Franstalige socialisten om het vrijwaren van de Franstalige claim op Vlaams grondgebied in het post-België-scenario.

Vicepremier Laurette Onkelinx kon het niet beter verwoorden toen ze onlangs in een interview met De Standaard (DS 31 mei) het volgende zei: ‘Brussel-Halle-Vilvoorde gaat over: hebben Wallonië en Brussel al dan niet een aparte toekomst? BHV gaat natuurlijk ook over de verdediging van de Franstaligen die in de Rand leven, maar dat is niet de kern van de discussie. Wie in Vlaanderen nog gelooft dat het over het inschrijvingsrecht voor Franstaligen uit de Rand gaat, begrijpt niets van de gevoeligheid van de Franstaligen. BHV is echt veel fundamenteler dan dat. Dat maakt de discussie zeer moeilijk.’ En dan te weten dat elk ‘inschrijvingsrecht’ voor de Vlaamse partijen al zo goed als onbespreekbaar is…

Kortom, de toestand is uitzichtloos. Nieuwe federale verkiezingen dan maar? Afgezien van het feit dat nieuwe verkiezingen de communautaire tegenstellingen enkel maar zouden vergroten, zijn ze ook juridisch heel erg controversieel. Dat bleek enkele weken geleden nog maar eens op de studiedag naar aanleiding van het 40-jarig bestaan van het Instituut voor Constitutioneel Recht van de KU Leuven. Hoewel onderzoekster Evelyne Maes met overtuiging de stelling verdedigde dat nieuwe verkiezingen zonder een gesplitst BHV misschien wel ongrondwettelijk zijn, maar simpelweg niet kunnen worden tegengehouden, kreeg ze ferm de wind van voren van enkele collega-juristen.
Vooral professor emeritus Hugo Vandenberghe kon zich helemaal niet vinden in haar redenering. Hij beweerde met grote stelligheid – internationale verdragen en normen in de hand – meer dan voldoende juridische argumenten te kunnen aanhalen om deze eventuele verkiezingen te doen kelderen. Als senator van CD&V en dus sterk betrokken partij, blijft het natuurlijk de vraag of hij, eens het zover is, dit ook effectief zal doen. De giftigste adder onder het gras zou wel eens van de lokale besturen en van de kiezers zelf kunnen komen. Zo wees Luc Deconinck (jurist en voorzitter van vzw De Rand) op de mogelijk enorme organisatorische problemen in Halle-Vilvoorde. Dat bijna geen enkele dienstweigeraar (van 10 juni 2007) veroordeeld werd, zal ongetwijfeld bij veel Vlamingen de vastberadenheid en de verbetenheid om deze ongrondwettelijke verkiezingen te boycotten een enorme ‘boost’ geven.

De opmerking op de studiedag dat België, indien het nieuwe verkiezingen zou organiseren zonder het arrest van het Grondwettelijk Hof uit te voeren, zich in een onvoorzienbare chaos stort en afdaalt tot het niveau van een ‘bananenmonarchie’ kon op algemene bijval rekenen… En wat te denken van een scenario waarbij een aantal (oppositie)partijen hun kiezers formeel oproept om deze verkiezingen te boycotten door niet te gaan stemmen?

Neen, nieuwe verkiezingen zonder splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde zijn in alle opzichten ondenkbaar. Trouwens, ook de terugkeer naar de oude arrondissementele kieskringen (het stokpaardje van de Franstaligen) is juridisch al even wankel en zal ongetwijfeld leiden tot nieuwe procedures voor het Grondwettelijk Hof, niet het minst ingeleid door de Vlaamse Beweging.

Rien ne va plus of de totale uitzichtloosheid dus, of toch…

Misschien kan een volksraadpleging of referendum duidelijkheid bieden over de toekomst (of het einde) van België? Wij stellen alvast voor om, indien de communautaire onderhandelingen tegen het zomerreces tot niets leiden en een ‘majeure’ institutionele crisis onafwendbaar is, in het najaar een referendum te houden over de Vlaamse onafhankelijkheid. De stemming zou gaan over de vraag of de Vlaamse Regering en het Vlaams Parlement onderhandelingen moeten beginnen over de onafhankelijkheid van Vlaanderen. Dit referendum wordt gehouden in de Vlaamse Gemeenschap (uiteraard ook bij de Brusselse Vlamingen), maar is niet-verplicht en niet-bindend. De kiesvoorwaarden zijn dezelfde als bij de verkiezingen voor het Vlaams Parlement. Voor Brussel wordt er een specifiek voorstel uitgewerkt dat zowel de functie van Vlaamse hoofdstad als de rechten en vrijheden van de Brusselse Vlamingen vrijwaart. Dit laatste kan op basis van een vrije gemeenschapskeuze tussen de Vlaamse of de Franse Gemeenschap.

Vlaanderen zou uiteraard lang niet de eerste deelstaat zijn die een onafhankelijkheidreferendum organiseert. Zo gingen onder andere Quebec, Ierland, Montenegro, Slovenië, Estland, Letland, Litouwen en Kroatië ons voor, Baskenland, Groenland en Schotland volgen binnen afzienbare tijd.

Voor alle duidelijkheid: Vlaamse onafhankelijkheid lost niet alle problemen op, maar schept wel het enige werkbare kader om de uitdagingen echt aan te pakken. Het is in elk geval een veel betere optie dan de institutionele chaos die op ons afkomt lijdzaam te ondergaan. Of, om het met de woorden van René De Clercq te zeggen: ‘Er ligt een staat op sterven, twee volkeren zullen erven.’

Theo Francken, Karl Vanlouwe, Matthias Storme, Dominick Vansevenant, Bart De Valck, Guido Moons en Peter De Roover zijn actief in de Vlaamse Beweging en schreven deze bijdrage in eigen naam.

www.onafhankelijkheidsreferendum.be

 Te mooi om te laten liggen, de definitie van ‘eindspel’ volgens wikipedia:

Eindspel (schaken)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Het eindspel is de laatste fase van een schaakpartij, die zich aandient wanneer een aanzienlijk deel van het materiaal is geruild en waarin:

  1. De pionnen in waarde veranderen, doordat zij kunnen gaan promoveren
  2. De waarde van de koning verandert, doordat hij actief aan het spel gaat deelnemen en een bron van kracht wordt, zowel in de aanval als in de verdediging.

In het eindspel hebben beide spelers aanzienlijk minder materiaal ter beschikking dan in de voorafgaande fasen. Doordat het bord ‘leger’ is geworden hebben in het algemeen deze stukken echter wel meer bewegingsvrijheid verkregen dan in de opening en in het middenspel. In het eindspel kan een subtiel voordeel uiteindelijk voor de overwinning zorgen.

In vrijwel alle eindspelen zullen de koningen weer actief aan het spel deelnemen. Gebruikelijk is dat de koningen in de opening een veilig heenkomen zoeken, en vervolgens geen rol van betekenis spelen in het middenspel. Als er echter veel stukken geruild zijn (in het bijzonder de dames), wandelt de koning uit zijn schuilplaats en kan dan zelfs een sterk stuk worden.

In het eindspel kan een grote diversiteit aan thema’s een rol spelen. Een kleine greep uit deze thema’s is: vrijpion, ongelijke lopers, paard tegen loper, verbonden vrijpionnen, verst verwijderde vrijpion, kwadraat van de pion, laveren, zetdwang, tempo, torensteun van achteren, torensteun van de zijkant, vrijpion op de c- of f-lijn, goede en slechte loper.

Naast deze schaaktechnische zaken kan bij clubschaak en schaaktoernooien ook tijdnood een rol spelen, doordat de eindspelfase vaak kort voor de tijdcontrole wordt aangevangen.

Vishy Anand vertelde in een interview met Yasser Seirawan tijdens het Corustoernooi van 2006 dat openingsstudie belangrijker is dan studie van eindspelen. Zijn argument was eenvoudig: in elke partij heb je een strijd om het initiatief in de openingsfase, maar een strijd in het eindspel komt maar in een fractie van de toernooipartijen voor.

Om de partij te kunnen winnen, zal er uiteindelijk een matvoering plaats moeten vinden, waarna de vijandelijke koning schaakmat wordt gezet. Hierbij heeft de koning van de aan de winnende hand zijnde partij hulp nodig, want wanneer er twee koningen overblijven is het remise. Deze hulp kan bestaan uit een vrijpion die door promotie een dame of een toren wordt. De koning met de dame of met een toren kan de vijandelijke koning mat zetten: zie matvoering.

Stellingen met minder dan 6 stukken en de meeste met 6 stukken, waaronder de matvoeringen, zijn met behulp van computers volledig uitgeanalyseerd.

Een beroemd en opmerkelijk eindspel is de Saavedra-positie.

 

😉

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s